Sportcourts

basketbal

Een Zoneparc Sportcourt op school bevordert zowel de gezondheid (de fysieke fitheid) van jongeren als het zelfvertrouwen, saamhorigheid en het samenwerken (sociale vaardigheden) en de concentratie, verantwoordelijkheid en zelfstandigheid (brein/cognitie). 

Stichting Zoneparc (naar Engels voorbeeld opgericht in 2005) heeft als doel om kinderen en jongeren op een spelende, sportieve en educatieve manier te laten bewegen om meer gezond, fit en gelukkig te worden. Het biedt een veilig klimaat voor het ontwikkelen van talent van kinderen en jongeren en er ontstaat meer samenwerking en begrip tussen de school en andere partijen. Jongeren worden gemotiveerd en geïnspireerd door elkaar. Het draagt bij aan empowerment: zelfregie en motivatie tot beter leren en gezond bewegen als ook volwaardige burger in onze maatschappij worden. Hiertoe heeft Zoneparc 2 concepten ontwikkeld, een voor het basisonderwijs (Zoneparc Playground) en een voor het voortgezet onderwijs: Zoneparc Sportcourt.

Meer bewegen op school bevordert gezondheid

‘Een combinatie van bewegen, rust, (school)werk en een sociaal leven, geeft meer plezier in je leven. Bewegen, zoals spel en sport is goed voor je concentratie, coördinatie om ook beter te kunnen leren en samenwerken. En het is een vorm van ontspanning. Sociaal bewegen en samen spelen is goed voor je zelfvertrouwen en sociale vaardigheden. Een gezond en fit lichaam en meer balans in het dagelijks leven, verkleint kans op chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten, en daarbij gaan je hersenen beter werken.’ Aldus Ard Schenk in zijn boek: ‘Je tweede Jeugd begint nu, in drie stappen fit’. Professor Erik Scherder van de VU deed hier onderzoek naar en schrijft in ’Laat je hersenen niet zitten’: Kinderen die bewegen en sporten worden slimmer en fitter. Het verbetert ons lichaam en brein, het geheugen en de executieve functies zoals plannen en zelfregulatie. Professor Dick Swaab zegt in zijn boek ‘Wij zijn ons brein’ dat actief bezig zijn de kans op bijvoorbeeld Alzheimer op latere leeftijd verkleint. Een half uur per dag matig intensief bewegen is de aanbevolen norm. Joop Albeda (topsportcoach) schrijft in zijn voorwoord van het blad NLCoach nr. 4 2014: ‘’bewegingsonderwijs maakt kinderen slimmer, fitter en stimuleert kinderen te laten samenwerken.“

Het onderzoek ‘Bewegen op school’ in 2011 van het W.J.H. Mulierinstituut door ZonMw, (vanuit het ministerie van VWS): ‘We maken ons zorgen om de jeugd. De jeugd zou te weinig bewegen, verkeerd eten en te veel drinken. Gelukkig gaat het met veel kinderen ook gewoon goed en zijn zorgen om de jeugd van alle tijden. Maar feit is ook dat kinderen meer tijd zittend zijn gaan besteden, dat meer kinderen overgewicht hebben en dat ze minder bewegen. Dit door de komst van internet, mobiel en andere techniek. Ervan uitgaand dat beweging goed is voor een mens, is de tijd aangebroken om kinderen te verleiden weer actief te worden. Tijdens de pauze gaat op de basisschool het grootste deel naar buiten om te sporten en bewegen (87%), terwijl dat in het voortgezet onderwijs slechts 7% is.’ Aldus de onderzoekers.

Landelijk heeft van de jongeren tussen 2 en 25 jaar ongeveer 15 % overgewicht. “De school kan in het beweeggedrag van jongeren een belangrijke rol spelen Het is, na thuis, de plaats waar jongeren de meeste tijd doorbrengen en in contact staan met vrienden en leerkrachten. Het ontbreken van sport- en spelvoorzieningen op het schoolplein heeft een relatie met bewegingsarmoede in de pauze, de organisatie van activiteiten in de pauze laat juist meer beweegactiviteit zien. Op basisscholen waar schoolsport prioriteit krijgt, hebben de leerlingen een hoger activiteitsniveau. Vrijwel alle basisscholen beschikken over een of meer sport- en spelvoorzieningen voor bewegen in de pauze, ruim de helft van de middelbare scholen beschikt daar niet over. Het organiseren van activiteiten tijdens de pauze gebeurt op 1 op de 6 basisscholen en nauwelijks op scholen voor voortgezet onderwijs.”

Het ministerie van VWS en lokale overheden investeren in verschillende projecten om jongeren te laten bewegen, zoals voorheen het BOS-project in achterstandswijken of het programma JOGG (Jongeren op gezond gewicht). Zowel de WMO als de nieuwe Participatiewet en Jeugdwet wordt vanaf 2015 door lokale overheden uitgevoerd. Dit kan nieuwe kansen bieden voor financiering en samenwerking in de wijk.

Veilig schoolklimaat verplicht

Het ministerie van OCW in 2014 samen met de ombudsman een plan gepresenteerd voor meer veiligheid op school. In een veilige omgeving komen talenten tot ontwikkeling. De Nederlandse regering vindt dat alle kinderen recht hebben op een onbezorgde schooltijd, die in het teken staat van ontwikkelen, ontdekken en leren. Kinderen moeten veilig zijn, zodat ze in staat zijn om te leren en zich te ontwikkelen. Jongeren kunnen alleen iets leren in een omgeving waar goed met elkaar wordt omgegaan, waar ze leren elkaar te respecteren en waar pesten en agressief gedrag wordt tegengegaan. Scholen worden verplicht hier aandacht aan te besteden

Hoe werkt het Zoneparc Sportcourt?

Een Zoneparc Sportcourt is een innovatief en attractief ingericht schoolplein. Hierbij worden speciaal ontwikkelde materialen ingezet en grondmarkeringen aangebracht op tegels. Er wordt gebruik gemaakt van drie verschillende zones:

  • Rood: sport zone. In deze zone zijn multifunctionele velden voor verschillende soorten sport ingericht. Zo kan hier bijvoorbeeld voetbal, basketbal, trefbal, korfbal, volleybal, hockey, tennis en badminton worden gespeeld.  De nadruk wordt gelegd op bewegend leren, het aanleren van vaardigheden, de coördinatie en het lerend vermogen.
  • Geel: chill zone. Hierin kunnen kinderen chillen, relaxen en kletsen. Daarnaast is het een plek voor sociale interactie of om conflicten op te lossen.
  • Groen: educatieve en spelzone. In deze zone worden bijv. tuinen aangelegd en spelzones en projecten aan verbonden over gezond eten. Deze projecten of spellen bevorderen het samenwerken en sociale vaardigheden.

Naast de fysieke (her)inrichting van het plein bestaat dit duurzame concept ook uit begeleiding en training door professionals van leraren en leerlingen en participanten. Volgens onderzoek op basisscholen bewegen kinderen die deelnemen aan het Zoneparc- concept 4,5 tot 13,6% meer in de pauzes en profiteren daardoor meer van de sociale en fysieke effecten van meer bewegen. De onderzoeken op verschillende basisscholen (door Markus & Van de Velde 2006/2007) wijzen dit uit en de ervaring met het Kadinsky College in Nijmegen bevestigen dat dit ook voor het Voortgezet onderwijs geldt.

De bewezen effectiviteit van het Zoneparc concept:

  • Reductie van pestgedrag op scholen
  • Toename van fysieke activiteiten
  • Stimuleert verantwoordelijkheid en samenwerking
  • Betere concentratie leerlingen
  • Betere verdeling beschikbare ruimte
  • Meer rust op het schoolplein maar ook binnen de school
  • Ontwikkeling nieuwe vaardigheden en meer zelfvertrouwen
  • Afname fysieke en verbale agressie
  • Toename participatie meisjes in beweging en sport.
  • Combinatie van educatie en sport en spel
  • Toename sociale integratie leerlingen
  • Vergroting  saamhorigheidsgevoel.

Elk plein uniek

Geen enkel schoolplein is hetzelfde, bij ieder ontwerp wordt er nadrukkelijk rekening gehouden met wensen en eisen van alle betrokken partijen. Ook wordt per school gezocht naar mogelijke samenwerkingsverbanden met bestaande organisaties (sportverenigingen, buurtverenigingen) om het Zoneparc-concept zo breed mogelijk uit te dragen. Eén  van de speerpunten is dat Zoneparc samenwerking stimuleert tussen buurt, onderwijs en sport door middel van openstelling van het plein buiten schooltijd. Burgers, leerlingen en scholen werken samen in de planning, ontwikkeling en/of implementatie van activiteiten.

Kosten

Vanuit de stichting kan een bijdrage worden gegeven. Daarnaast kan Zoneparc helpen om via de lokale of provinciale overheden subsidie te verkrijgen en heeft zij soms extra financiële mogelijkheden door haar samenwerking met bedrijven.